Categorie: Uncategorized

  • Tweede brief

    Omoni,

    Meestal op het moment dat ik bijna in slaap val begint het aan de bovenkant van mijn arm en zakt het langzaam langs mijn zij naar mijn benen.

    Het is niet zozeer een vorm van verlamming maar meer dat mijn lichaam het lijkt op te geven, alle bewegingen die ik zou willen doen voert het ook uit, maar met een schijnbare vertraging en zonder enig actieve lust. Wanneer het gevoel mijn benen heeft platgelegd, breidt dit gevoel uit naar mijn neus, ogen en keel en verstikken de snik die dan gevangen zit tussen m’n strotteklep en luchtpijp.  Mijn neus raakt verstopt en ook de druk achter mijn ogen neemt toe. Maar in plaats van uit te breken in een hartverscheurend huilen met dikke tranen en veel snot, blijft het hangen en maakt plaats voor een stille koude eenzaamheid. Deze eenzaamheid is steriel, heeft geen gevoel. Alle kleur, geluid en beweging bestaan niet, alleen een flinterdun scherm waarin ik besta.

    De ruimte voor me sluit zich in een ronde vacuümbal en gewichtsloos word ik er langzaam naar toegetrokken. Ik voel de druk en de zuigkracht van de bal die steeds groter en groter lijkt te worden, als een zwart gat dat onverbiddelijk op me afkomt.

    Op het moment dat ik het bijna kan aanraken en dreigt te worden opgezogen keert de bal weer van me af en wordt steeds kleiner. De druk neemt dan weer af en ook de stille eenzaamheid verlaat me.

    De eerste keer dat me dit overkwam was toen ik een jaar of 6 was en hoge koorts had tijdens een of andere kinderziekte. De oranje met groen en bruine ballen op het behang, wat in de jaren ’70 enorm hip was, zogen me erin en eruit.

    Toen ik jaren later voor het eerst naar Korea vloog had ik, net als op mijn eerste vlucht van Korea naar Nederland, een tussenlanding op de Gaulle in Parijs en met een schok voelde ik mijn lichaam precies op dezelfde manier reageren bij de daling en een paar uur later weer bij het opstijgen. De ‘Broccolibomen’ rondom Parijs waren de ballen die me opzogen.

    Nog steeds overkomt het me, vaker in de herfst wanneer de dagen korter worden en de waterige kou de bladeren van de bomen eerst laten verkleuren in oogverblindende kleuren om tenslotte neer te vallen en te vergaan tot een bruine drab. De eenzaamheid vlamt dan ook even donkerbruin op.

    Heb jij je ook weleens zo eenzaam gevoeld?

  • Eerste brief

    Omoni,

    Beelden van een donkere, vochtige kelder doemen op waar Het smekend met tranen in de ogen in het donker glijdt terwijl de lichtstreep steeds kleiner wordt wanneer de deur piepend dicht wordt getrokken. Misschien hoor je nog net een ijselijke gil of alleen een diepe fatalistische levenloze zucht voordat de zware deur in het slot valt. “Ik heb het afgesloten” hoor ik mensen vaak zeggen op televisie of op straat, “Ik kan nu door met mijn leven”. Maar wat doen ze met de sleutel? En stond hun leven dan tot dat moment stil?

    Of zijn deze mensen in staat om á la  Eternal Sunshine of a Spotless mind Het uit hun herinnering te verbannen. Ooit dacht ik hiervoor een natuurlijke gave te hebben maar na een aantal jaren bleek dat ik een gave had voor rücksichloze acties maar niet om de herinnering uit te bannen alsof het nooit heeft bestaan. Herinneringen die je liever wil vergeten werken als water: het drupt, sijpelt of valt soms met bakken. Maar waar het begint te lekken is zelden de oorsprong. Het is moeilijk om controle over ze houden en vaak bespringen ze je als je het niet verwacht. Sommige zoals de mijne houden zich slapende als een vulkaan in ruste. Ze zijn altijd op de achtergrond aanwezig. Soms rommelen ze maar altijd is daar de dreiging dat ze met groot spektakel zullen ontwaken. Het is niet eens de herinnering zelf die onrust veroorzaken maar alle vragen die het met zich meebrengt en de speculatieve antwoorden die zichzelf vormen wanneer er geen antwoorden komen.

    Afgelopen jaar was 53 jaar geleden dat ik naar Nederland kwam. Van die 53 jaar ben ik op en af minstens 28 jaar bezig met het zoeken naar jullie en  antwoorden op al die vragen zodat de vulkaan eindelijk als een dode geregistreerd kan worden en ik veilig de herinneringen kan bewandelen. Misschien dat ik ooit ook met volle overtuiging kan zeggen: Ik heb het afgesloten, maar tot nu toe blijft Het altijd bij me. Met de jaren is het gemakkelijker geworden om er mee samen te leven, net als een bejaard stel die na jaren hun levens op elkaar hebben afgestemd.

  • Inleiding

    Omoni,

    Kort na mijn eerste bezoek aan Korea vond ik een kookboek1 met foto’s die je doen watertanden en met recepten die redelijk goed te volgen waren voor een amateurkok. Dit was nog in een tijd dat internet in zijn kinderschoenen stond, youtube waarschijnlijk nog niet eens als concept in iemands brein was opgepopt en boekenwinkels nog de poort naar andere werelden waren. Achterin het boek is een hoofdstuk gewijd aan gerechten voor speciale dagen. Daarin staat dat Koreanen de 100ste levensdag van een baby vieren. Blijkbaar een oude gewoonte toen vroeger de babysterfte met name in de eerste 3 maanden hoog was. Ik vraag me af of deze dag nog steeds wordt gevierd, want in de laatste paar decennia zal deze vroegsterfte flink zijn afgenomen door de snel toegenomen welvaart.

    Heb jij ook angstige momenten gekend na mijn geboorte? Bang dat ik het misschien niet zou halen? Gelukzalig gelachen toen ik je herkende en je warmte opzocht? En eindelijk kon ontspannen toen ik 100 dagen oud was?

    100 brieven schrijf ik jou in de hoop dat na de 100ste ik eenzelfde soort rust kan ervaren en eindelijk het verleden kan loslaten en laten zijn zoals het was. Kan accepteren dat ik nooit antwoorden zal krijgen op mijn vragen en mij volledig kan richten op wat is.

    Sinds ik zo lang geleden begon met vragen stellen en zoeken naar antwoorden probeerde ik alle emoties te rationaliseren of kotste ze uit in dagboeken. Mijn verhaal is niet specialer of uitzonderlijker dan al die andere duizenden adoptieverhalen. In tegendeel, juist de ontmoetingen met andere geadopteerden deed me beseffen dat alles wat ik voelde juist zo herkenbaar is, maar daarentegen ging de drang om iets met dat deel van mezelf te doen niet weg.
    Ik heb geen speciale talenten, eigenlijk ben ik doorsnee, misschien gemiddeld iets meer geobsedeerd naar het zoeken van patronen, cycli, een begin en een eind.

    De tweede keer dat ik naar Korea ging was 10 jaar later tijdens een ongelooflijk mooie herfstperiode, uitzonderlijk warm voor dat seizoen. De derde keer was ook weer 10 jaar later. Dit maal met mijn dochter in de zomer nadat zij haar middelbare schooldiploma had gehaald en in het nieuwe schooljaar zou starten met een universitaire studie. Mijn obsessie laat me weten dat er toch echt sprake is van een patroon en dat mijn allerlaatste bezoek over 2 jaar zal zijn in hetzelfde jaargetijde als waar mijn leventje van een peuter een andere richting kreeg.

    In 2017 stond er in het nieuws (The Lancet) de resultaten van een onderzoek naar toekomstige levensverwachting van 35 geïndustrialiseerde landen. Het resultaat is dat Koreaanse meisjes in 2030 geboren de hoogste levensverwachting hebben.
    Een raar idee dat in 60 jaar tijd kinderen ter adoptie werden afgestaan meestal door armoede of andere (cultureel) redenen en dat de 3e generatie de hoogste levensverwachting hebben. Wat zullen de Koreanen met deze oudjes doen? Ook ter adoptie afstaan?

    Bijna 19260 dagen is het geleden dat op een woensdagmorgen tegen twaalven een Air France vliegtuig landen op een nog kleinschalig Schiphol. Vlucht AS913 veranderde mijn leven, ook al was ik me dat waarschijnlijk op dat moment daar helemaal niet bewust van.

    Twee jaar heb ik nu de tijd om in een allerlaatste ultieme poging jullie, mijn biologische familie, te zoeken en alles wat met die hele andere wereld te maken heeft een plek te geven in wat mijn Magnum opus moet worden en dat ik dan ook oprecht kan zeggen: ik heb het afgesloten.

    1. A Korean Mother’s Cooking Notes, Chang Sun-Young, 1997 Ewha Womans University Press ↩︎